De palmboom en leiderschap

palmboomIk kwam vandaag de metafoor weer tegen van de palmboom. Een boom die eerst zeer sterk de diepte in groeit met zijn wortels, daarna gaat verbreden en uiteindelijk de lucht in schiet om geweldig voedzame vruchten te gaan dragen.

De boom blijft ten alle tijde trouw aan zijn wortels, hij kan ook niet anders omdat de boom dan direct om zou vallen en af zou sterven. Hij staat namelijk op plaatsen waar het erg droog kan zijn en waar weinig bescherming is voor weersinvloeden. Sterker, door de vorm van een volwassen boom met zijn breed uitgestrekte bladerdak biedt hij bescherming voor gewassen onder hem.

De metafoor roept bij mij gelijk vragen omhoog:

  • hoe diep zijn mijn en jouw wortels geworteld om te zorgen dat je overeind blijft staan?
  • Hoe breed zijn jij en ik in de figuurlijke zin gegroeid om stevig en hoog te kunnen groeien?
  • Hoe bieden jij en ik, door te zijn wie wij zijn, bescherming aan mensen om je heen om ook te kunnen groeien?
  • Welke voedzame vruchten dragen jij en ik dan waar anderen zich mee kunnen voeden?

Als je manager of directeur bent; hoe zorg jij ervoor dat jouw medewerkers de bescherming krijgen om te kunnen groeien en daardoor uiteindelijk ook vruchten kunnen voortbrengen?
Als je mens bent; hoe zorg jij ervoor dat de mensen in jouw omgeving de bescherming krijgen om te kunnen groeien en daardoor uiteindelijk ook vruchten kunnen voortbrengen?

Voldoende voer voor mooie overpeinzingen lijkt mij zo.

Benno Rijpkema

Betrokken medewerkers door Leiderschap +

Iedereen weet het: betrokken medewerkers maken makkelijker het verschil dan niet betrokken medewerkers. Wat kun je als manager doen om de betrokkenheid te verhogen en zo de prestaties nog verder te verbeteren? Want betrokken medewerkers, dat levert echt wat op!

Opbrengsten van betrokken medewerkers

Uit onderzoek onder een groot aantal Europese bedrijven bungelt Nederland ergens onderaan (plaats 19) met slechts 9% betrokken medewerkers, niet echt iets om trots op te zijn. Denemarken bezet de eerste plaats met 21% betrokken medewerkers.

Betrokken medewerkers leveren meer op: hogere productiviteit, lager ziekteverzuim, minder verloop, minder ‘gezeur’, meer tevreden klanten omdat enthousiaste mensen nu eenmaal aanstekelijk zijn, meer ambassadeurs door die tevreden klanten, en ga zo maar door. Een eindeloos rijtje zou ik hier op kunnen noemen. Het loont dus acties in te zetten die de betrokkenheid van medewerkers verhogen. Een voorzichtige schatting: betrokken medewerkers zijn 10% productiever. Mijn ervaring in de praktijk is dat het vele malen hoger is dan 10%.

Rekenvoorbeeld:

Bedrijf X heeft 50 medewerkers in dienst. De winst van het bedrijf bedraagt op jaarbasis € 1 miljoen. Omgerekend per medewerker: € 20.000,- winst per medewerker.

Als de medewerkers meer betrokken zijn, stel 10%, levert dit direct een hogere winst op:
€ 20.000,- + 10% = € 22.000,-. Bedrijf X kan dus eenvoudig een winst maken van € 1,1 miljoen met dezelfde medewerkers. Een toename van + € 100.000,- op het bedrijfsresultaat door een verhoogde betrokkenheid van de medewerkers.

Leiderschap

Leiderschap, veel managers denken gelijk aan het leiden van anderen. Op zich heel voorstelbaar; in onze maatschappij is dit het meest voorkomende antwoord. Maar ondanks dat dit het meest voorkomende antwoord is, is het dan ook goed? Wat mij betreft NEE: leiderschap begint bij jezelf!

IMG_0526Als leider van een groep mensen ben je in staat om zelf het goede voorbeeld te geven. Dat betekent dat je leider bent van je eigen denken, je eigen houding en uiteindelijk je eigen gedrag. Pas als dat goed in balans is, ben je in staat om leider te zijn voor anderen. En dan bedoel ik leiderschap optima forma. 

Als leider moet je dus eerst goed met jezelf aan de slag. Welke denkpatronen en overtuigingen zorgen ervoor dat ik de houding en het gedrag laat zien die ik nu elke dag laat zien? Is dit inderdaad wat ik wil laten zien als voorbeeld? Of zijn er zaken bij te schaven? Kijk anders ook nog eens naar mijn artikel over aardbeienmanagement

Als je zelf als manager het goede voorbeeld geeft, ben je in staat om met jouw denkwijze, houding en gedrag anderen te inspireren. Dit is een basisvoorwaarde voor goed leiderschap.

Leiderschap +

Als manager doe je er alles aan om medewerkers optimaal te ondersteunen, zodat de medewerkers optimaal productief zijn. Echte leiders zijn dan ook niet te beroerd om die acties in te zetten waarvan de medewerkers blij worden en betrokken raken bij jou als manager en de organisatie.

Een simpele en doeltreffende wijze is om medewerkers vooral blij te maken met zaken waarvan ze oprecht en écht blij worden. Dit vergt enig onderzoek van jou als  manager: je vraagt aan de medewerkers waar jij ze echt blij mee kunt maken. Nu zul je denken: “het eerste waar ze om vragen is meer geld.” Die gaat er absoluut tussen zitten. Weet dan dat meer geld synoniem staat voor zekerheid en erkenning. Meer geld (salaris) komt wel voor op de bekende motivatielijstjes, maar lang niet bovenaan. Oprechte aandacht, een welgemeend compliment en ontwikkelingsmogelijkheden staan vele malen hoger. 

En nu komt het aan op leiderschap met een dikke +: je gaat ook daadwerkelijk die dingen doen waar de medewerkers blij van worden. Je laat ze merken dat jij als manager geen kans onbenut laat om ze blij te maken. Ik beloof niet snel iets, maar in deze garandeer ik het je: de betrokkenheid zal met hele grote sprongen toenemen. En ik vermoed vele malen meer dan die geschetste 10%. En dat tegen een geringe inspanning van jou als manager.

Ik wens jou veel leiderschap + toe.
En lees je dit artikel als medewerker, laat dan je manager dit artikel even lezen. Je zult veel mooie en betrokken dagen tegemoet kunnen zien.

Benno Rijpkema
Rijpkema Advies Groep

 

Benno Rijpkema werkt als coach, adviseur en trainer voor organisaties die de wil hebben om een ontwikkelingssprong te maken richting het realiseren van hun succes. Hiernaast is hij auteur van de boeken in de MENS-serie:
Succesvol ondernemen
Maak werk van je dromen
Brokjes inspiratie
Solliciteren, of eerst aan het werk
Met regelmaat geeft Benno lezingen door het land op congressen, netwerkbijeenkomsten of bij bedrijven.

Sociale media, zin of onzin?

Sociale media zijn vandaag de dag niet meer weg te denken. De kinderen groeien op met hun smartphones en plakken bijna met de vingers vast aan hun mobieltje. Ze communiceren voortdurend met hun ‘vrienden’, terwijl de ouderen verzuchten dat het vroeger tenminste nog echte communicatie was. Maar is de sociale media nu iets dat we moeten omarmen, of is het een totaal onzinnige hype?

De sociale media nemen een steeds grotere virtuele plaats in op onze planeet en biedt vele mogelijkheden. De Arabische lente is mede door de sociale media zo snel verbreid en laat daarmee zien dat het een enorm krachtig wapen is om je te verenigen. Niet voor niks dat bewindspersonen, uit angst voor dit effect, snel grijpen naar het platleggen van internet; ze ontnemen de mensen daarmee een middel om zich snel te kunnen organiseren.

Als we kijken naar sociale media, kunnen we stellen dat het een nagenoeg alom geïntegreerd middel is om mensen te kunnen bereiken. Medewerkers van jouw onderneming die hieraan meedoen, worden ineens zichtbaar voor de buitenwereld als medewerker van jouw bedrijf. De kennis die op het net te vinden is, is voor iedereen toegankelijk en de informele leiders op het net krijgen steeds meer invloed, simpelweg omdat ze mogelijkheid hebben om hun opinie snel te delen met een groot aantal volgers.

Waar vroeger organisaties en de communicatie nog top-down georganiseerd waren, verschuift dit steeds meer naar een netwerkmodel, waarin geen boven- en onderliggende personen meer zijn. In het netwerk, waarin iedereen met iedereen in contact staat, wordt informatie met iedereen gedeeld. De fysieke wereld en de virtuele wereld schuiven dan ook steeds meer in elkaar.

Kortom, mensen worden door de sociale media zelf steeds meer een merk dat je kunt ‘laden’ en ‘schaden’. Dit behoeft enige uitleg. Net als de ‘oude’ marketing kun je een merk laden met een positief imago. Door op een aansprekende wijze reclameboodschappen de wereld in te zenden, creëer je herkenning. Als deze herkenning appelleert aan positieve gevoelens die mensen hebben, gaan zij zich verbonden voelen met het merk. Maar een merk kan zichzelf ook schaden door slecht in het nieuws te komen. Wat te denken van de imagoschade die BP heeft opgelopen door de olieramp? Die is enorm geweest; mensen reden de benzinepompen voorbij.

Op soortgelijke wijze kun je via de sociale media jezelf als merk positioneren. Als jij voortdurend op dezelfde wijze communiceert en reageert op deze media, zullen mensen je gaan herkennen door je communicatieprofiel. In combinatie met de profielfoto krijgen mensen een indruk van je die appelleert aan gevoelens: plezierig of onplezierig. Een kleine waarschuwing is hier op zijn plaats: zorg er voor dat je virtuele profiel overeenstemt met je fysieke profiel. Als de virtuele wereld overgaat in de fysieke wereld – dus als je elkaar echt ontmoet – moet het beeld wel kloppen.

Voor- en nadelen van de sociale media
Mensen zijn dus in staat om via de sociale media zichzelf als merk te laden en daarmee een positief (of negatief) imago op te bouwen. Als een medewerker voor jouw bedrijf werkt en hij of zij heeft een positief imago opgebouwd, kan dit bijzonder aantrekkelijk zijn. Steeds meer recruiters kijken dan ook eerst naar het sociale profiel van een potentiële nieuwe medewerker: hoe staat hij/zij bekend? Beseft u zich welke invloed dit heeft op bijvoorbeeld de afdeling PR&Marketing? Door slim gebruik te maken van alle positieve netwerken kan in een zeer korte tijd een enorme doelgroep bereikt worden.

Een ander aspect van sociale media is dat het verschil tussen privé en werk steeds meer vervaagd. Mail en berichten via de sociale media komen dag en nacht binnen. De 9-tot-5 mentaliteit komt daarmee steeds meer in de verdrukking; voor sommigen een zegen, voor anderen een nachtmerrie.

Het gegeven dat alles wat op het net staat niet meer verdwijnt kan als een bedreiging opgepakt worden, maar ook als een kans. Discussies die gevoerd worden op Facebook of Twitter kunnen lang nadien nog gevolgd worden en op ieder moment kan een bijdrage geleverd worden aan die discussie. Probeer dat maar eens op een gewone netwerkborrel. Na sluitingstijd gaat iedereen naar huis en alles wat besproken is kun je niet meer terug vinden.

Als het gaat om leiderschap, gaat de wereld op zijn kop. Waar de leiders (managers) voorheen tijdens werktijd alle invloed uit konden oefenen, lukt ze dat nu niet meer. De medewerkers zijn voortdurend online en hebben dan ook 24/7 de mogelijkheid om zich te profileren. De leiders van de (nabije) toekomst hebben hiermee de taak om medewerkers te inspireren datgene uit te zenden waarvoor de onderneming staat. En omdat niet al het werk meer ‘op de zaak’ gebeurt, wordt sturen op resultaten eerder een must dan een utopie.

Wat ga je nu doen: afstoten of omarmen?
Als je na het lezen van dit artikel angstaanvallen krijgt, verwacht ik dat je afstotend gedrag gaat laten zien. De rolluiken vallen dicht en je zult volhouden dat je hieraan niet mee hoeft te doen. Als ik je een advies mag geven: doe dat niet. Het is hetzelfde als een winkel hebben en de rolluiken tijdens openingstijden dicht laten. Het geeft een veilig gevoel, maar je krijgt weinig klanten binnen.

Omarmen is misschien een te grote stap, maar je kunt je wellicht eens voor laten lichten wat sociale media voor jouw onderneming kan betekenen. Er zijn legio mogelijkheden op het net die in jouw voordeel kunnen werken. Waag het erop een onderzoek op te starten naar de (on)mogelijkheden voor jouw onderneming.

Benno Rijpkema
adviseur Sales en Dienstverlening
Dit artikel is gebaseerd op een inspirerende lezing van Gerard Duursma van het bureau Bonopoly

De drie grondbeginselen van een succesvolle organisatie


Waarom slaagt de ene organisatie er maar niet in om een succesvolle organisatie te worden en waarom zijn er altijd weer die zogenaamde witte raven die de dans ontspringen? Wat maakt dat de ene organisatie succesvol is en de ander niet? In dit artikel neem ik u mee in de drie grondbeginselen van een goede organisatie. In goede samenhang versterken ze elkaar en brengen ze uw organisatie in een flow: alle juiste dingen worden op het juiste moment gedaan.

Volgens Paul de Blot, als hoogleraar verbonden aan Nyenrode, zijn er drie grondbeginselen nodig voor een organisatie waarin alles lijkt te lukken: vakmanschap, samenwerking en verdieping. Tezamen zorgen zij voor een organisatie die in een flow terecht komt en het ene succes na het andere succes boekt. Deze grondbeginselen verdienen enige uitdieping zodat u als ondernemer/directeur er uw voordeel mee kunt doen.

Vakmanschap
Begint goed werk leveren niet altijd met vakmanschap? Je moet weten wat je doet, zonder kennis en kunde geen goede producten en diensten. Als vakman munt je uit in wat je doet, je bereikt de hoogste kwaliteit die denkbaar is.  Dit vraagt om levenslang leren, je vraagt jezelf als vakman elke dag af of het beter kan en je zet je daarvoor elke dag weer maximaal in. Als je als vakman plezier in je werk hebt, is dit geen grote opgave. Maar als je niet de bezieling hebt om dit te doen, dan kan dit heel vermoeiend zijn. Als ondernemer/directeur geeft u uw medewerkers de gelegenheid om te groeien. Het verhoogt niet alleen de deskundigheid, maar ook de loyaliteit aan een organisatie.

Deskundig zijn voor het uitoefenen van een vak is situatiegebonden en daarmee is het ook een kwestie van aanpassingsvermogen en van kennen en toepassen van de spelregels van het spel. Sociale vaardigheden behoren wezenlijk tot de vakkundigheid.

Samenwerking
De tweede pijler is samenwerking. Als hier zand in de raderen komt, draait het hele bedrijf beneden zijn kunnen. Slechte verhoudingen, onderlinge irritaties of een ongezonde competitie kunnen een team verzieken. Als de sfeer daarentegen goed is, dan is een team tot veel in staat. Zo wordt samenwerking de kurk waar een organisatie op drijft. Hoe komt die samenwerking tot stand? Door een sterke geestelijke band! Samen weet je meer dan alleen en bovendien komt kruisbestuiving tot stand. Je kunt elkaar enthousiasmeren en dat werkt weer aanstekelijk op anderen. Als je samenwerkt kun je dingen bereiken die je in je eentje niet had kunnen bereiken.

Verdieping
Naast aandacht voor je vak is ook aandacht voor jezelf een must. Ondanks dat het begrip spiritualiteit nog regelmatig voor gefronste wenkbrauwen zorgt, is dit wel de basis voor de verdieping. Hoe kun je je diepste verlangens op het spoor komen als je niet bij jezelf naar binnen kunt kijken en contact maakt met je innerlijke kern. Is het feit dat veel bedrijven niet weten welke kant ze op moeten, misschien daaraan te wijten? Dat ze eigenlijk niet meer weten wat eigenlijk hun droom en ideaal is. De droom die veel ondernemers hadden bij het starten van hun eigen bedrijf is het vertrekpunt, het geeft de richting aan en is daarmee onmisbaar voor een (spirituele) organisatie.

Wisselwerking
Bij een gezonde organisatie is er sprake van een vruchtbare wisselwerking tussen de drie grondbeginselen. Te veel of te weinig van het een of het ander kan een onderneming doen mislukken. Een voorbeeld hiervan is de hulpverlening rondom de tsunami. Iedereen kwam in actie om de getroffenen te helpen. Er was sprake van veel medeleven en idealisme, maar het ontbrak helaas vaak aan samenwerking. Het komt vaker voor dat organisaties hoog scoren op idealisme, maar veel lager op deskundigheid en samenwerking en dan is het moeilijk iets van de grond te tillen.

Flow
Soms kom je ze tegen, mensen of organisaties die alles wat ze aanraken in goud weten te veranderen. Een duidelijk geval van flow. De innerlijke gesteldheid die hiervoor nodig is, is door iedereen aan te leren. In Nederland zijn wij sterk in het afhakken van koppen als ze boven het maaiveld uitsteken. Dus aantrekkelijk is het in eerste hand misschien niet.

Er is sprake van flow als je de juiste dingen doet op de juiste momenten. Het is een mentale toestand waarin iemand volledig opgaat in zijn bezigheden. Kenmerkend is grote concentratie en visionaire doelgerichtheid. Degene die de activiteit doet is volledig geconcentreerd op het einddoel en heeft er vertrouwen in dat hij dat doel ook zal bereiken. Die instelling genereert door het contact met het zijnsniveau energie en zorgt ervoor dat dingen gaan stromen, waardoor het beoogde einddoel dichterbij kan komen.

In een werkelijkheid die gekenmerkt wordt door chaos, is het soms lastig de juiste weg te vinden of de juiste keuze te maken. Hoe weet je nu welke weg je moet nemen? Voor elk doel zijn meerdere oplossingen te bedenken. Houd scherp je uiteindelijke doel voor ogen en handel vooral in vertrouwen. Vertrouw erop dat je de juiste keuzes maakt en dat je met de energie die je op dat moment uitstraalt je doel steeds dichter bij komt. Heb de overtuiging dat je weet wat je doet, geloof daar rotsvast in. Alleen degenen die het doel niet meer scherp hebben en daardoor niet vanuit hun diepste overtuiging en verlangen de beslissingen nemen die ze nemen, zullen de grootste moeite hebben met het maken van de juiste keuzes.

Benno Rijpkema
Rijpkema Advies Groep

Dit artikel is gebaseerd op eigen ervaringen uit de adviespraktijk van Rijpkema Advies Groep in combinatie met het boek Business Spiritualiteit van Paul de Blot, hoogleraar Business spiritualiteit aan de universiteit van Neyenrode.